12
Twaalf bouwstenen voor een succesvol transitie initiatief
Een transitie-initiatief begint met één of enkele mensen en gaat dan geleidelijk groeien. De mensen van de Engelse Transition Towns hebben door ervaring geleerd op welke manier dit groeien het beste kan plaatsvinden. Zij onderscheiden twaalf elementen of bouwstenen. De ervaringen in Nederland laten eenzelfde patroon zien.

Hieronder geven we deze twaalf elementen weer; ze zijn ontleend aan de Basishandleiding transitie-initiatieven, die elders op deze website als pdf-bestand te downloaden is. In voorgaande jaren noemden we deze bouwstenen ook wel ‘de 12 stappen’. Zo worden ze dan ook genoemd in de Basishandleiding, het Transitiehandboek, en ook in deze gefilmde toelichting door Rob Hopkins . We zijn ze echter elementen of bouwstenen gaan noemen omdat veel mensen door de term ‘stappen’ de misplaatste indruk kregen dat zij in een specifieke volgorde moesten worden doorlopen. Niets is minder waar; de onderstaande twaalf elementen dienen zich in elke plaats in een andere volgorde aan. Alleen nummers 1 (initiatiefgroep vormen) en 12 (Minder Energie Plan ontwerpen) hebben logischerwijs een vaste plek.

Hanteer de hieronder beschreven Bouwstenen in de eerste plaats als inspiratiebron; ze zijn gebaseerd op de concrete ervaring van talrijke TT-groepen die je voor gingen op het pad van Transitie. Rob Hopkins heeft in 2011 ook op een andere manier de uiteenlopende elementen van het ontwikkelproces van een TT beschreven, in het boek The Transition Companion. De belangrijkste aspecten hiervan hebben we voor je op een rijtje gezet; klik hier voor een overzicht.

Bouwsteen 1: De Initiatiefgroep
Deze bouwsteen is feitelijk de hoeksteen van het project. Zet een initiatiefgroep op en bepaal direct aan het begin wanneer die zichzelf opheft. In dit stadium wordt een team gevormd dat het project door de eerste fase van zijn bestaan zal leiden.

We raden aan dat je een initiatiefgroep vormt die als doel heeft het project door de ontstaansfase van je TT-initiatief te geleiden. Als zich een aantal werkgroepen heeft gevormd, kan de initiatiefgroep zich opheffen en/of opgaan in een kerngroep die bestaat uit een vertegenwoordiger uit ieder van de werkgroepen. Dit vereist een zekere nederigheid, maar het is zeer belangrijk omdat hiermee het succes van het project boven de belangen van de betrokken individuen wordt geplaatst. Het is de bedoeling dat de nieuwe kerngroep uiteindelijk zal zijn samengesteld uit één vertegenwoordiger per werkgroep.

Bouwsteen 2: Bewustmaking
Een rode draad die door al je andere activiteiten loopt, is het werken aan bewustwording bij de plaatselijke bevolking.

In de beginfase van je initiatief zal duidelijk worden wie je belangrijkste bondgenoten zijn, worden de belangrijkste netwerken opgebouwd en wordt de gemeenschap als geheel voorbereid op de lancering van je transitie-initiatief. Om een effectief Minder Energie Plan (zie Bouwsteen 12) te kunnen ontwikkelen, moeten de deelnemers een goed begrip hebben van de potentiële gevolgen van piekolie en klimaatverandering. Het eerste probleem vergt het verhogen van de veerkracht van de gemeenschap, en het tweede vergt een kleinere CO2-voetafdruk.

Bijzonder effectief is het vertonen van bepaalde films (zoals In Transition 1 en 2, A Farm for the Future, The End of Suburbia, A Crude Awakening en Power of Community), waarna er een nabespreking kan plaatsvinden, al dan niet met een panel van deskundigen. Ook kan het zeer inspirerend werken experts te laten spreken over hun specialisme op het gebied van klimaatverandering, piekolie en maatschappelijke oplossingen.

Tot de gereedschapskist om mensen bewust te maken van de problematiek en over oplossingen te laten nadenken behoren verder: artikelen in plaatselijke kranten, interviews op de regionale radio en tv, en presentaties voor bestaande groepen, waaronder scholen.

Bouwsteen 3: Leg de fundamenten
Deze Bouwsteen betreft het leggen van contacten met bestaande groepen en activisten. Maak duidelijk dat alles wat ze tot nu toe gedaan hebben en wat ze van plan zijn te gaan doen binnen het transitie-initiatief een plek kan krijgen, doordat op een nieuwe manier naar de toekomst gekeken wordt. Het is belangrijk hun werk te erkennen en te waarderen en te benadrukken dat zij een cruciale rol te spelen hebben.

Geef hen een kort en helder overzicht van het probleem van de piekolie: wat dat inhoudt, hoe deze in relatie staat tot klimaatverwarming, welke gevolgen het voor de gemeenschap in kwestie kan hebben en wat de belangrijkste uitdagingen zijn. Vertel hoe je denkt dat een transitie-initiatief als katalysator zou kunnen werken om burgers zover te krijgen dat die oplossingen gaan bedenken en ‘grassroots’-initiatieven gaan nemen.

Bouwsteen 4: Organiseer een grote lancering
Jezelf bekendmaken bij het grote publiek kan op vele manieren. Eén daarvan kan zijn het organiseren van een ‘grote lancering’. Een feestelijke activiteit met een officieel tintje waarin je TT zelf eens nadrukkelijk in het zonnetje zet.

De officiële start van het project is een belangrijke mijlpaal. Het project is rijp om voor het eerst aan de gehele gemeenschap gepresenteerd te worden. De manifestatie genereert bovendien de nodige energie om het project verder te ontwikkelen. Bovendien wordt hiermee het in de gemeenschap levende verlangen om actie te ondernemen ‘gevierd’. Of en wanneer je TT toe is aan een grote lancering valt moeilijk te duiden; soms is dat al na een paar maanden, soms na een half of een heel jaar, en in sommige gevallen doen TT-groepen het in het geheel niet.

Wat de inhoud betreft, is het belangrijk dat mensen zich gaan inzetten met betrekking tot piekolie en klimaatverandering. Dat moet dan wel in de geest van ‘we kunnen er iets aan doen’ en niet in een geest van doemscenario’s en pessimisme. Een onderdeel dat buitengewoon goed bleek te werken is een presentatie over de praktische en psychologische barrières die persoonlijke verandering in de weg kunnen staan – het gaat uiteindelijk allemaal over ons als individuen.

Er hoeven niet alleen presentaties gehouden te worden. Alles wat volgens jou het beste het verlangen van de gemeenschap weergeeft om aan dit collectieve avontuur te beginnen is goed, zoals concerten, biologisch eten, opera, break-dance, een markt enzovoort.

Bouwsteen 5: Zet werkgroepen op
Een deel van het ontwikkelingsproces van een Minder Energie Plan houdt in dat gebruik gemaakt wordt van de collectieve creativiteit en kennis van de gemeenschap. Hiervoor is het cruciaal een aantal kleinere groepen te vormen die zich bezighouden met specifieke onderdelen van dit proces. Al deze werkgroepen zullen vervolgens hun eigen aanpak ontwikkelen en zelf bepalen welke activiteiten ze ondernemen. Ze blijven echter wel een onderdeel van het totale project.

Er kunnen werkgroepen gevormd worden voor bijvoorbeeld voeding, afvalverwerking, energie, onderwijs, jeugd, economie, transport, water en lokaal bestuur. Ieder van deze werkgroepen probeert uit te denken wat de beste manieren zijn om binnen hun eigen aandachtsgebied de veerkracht te verhogen en de CO2-voetafdruk te verlagen. Hun oplossingen vormen de ruggengraat van het Minder Energie Plan (zie stap 12).

Bouwsteen 6: Pas Open Space toe
We hebben gemerkt dat de techniek van Open Space buitengewoon effectief is voor het organiseren van bijeenkomsten voor transitie-initiatieven.

In theorie zou Open Space niet moeten werken. Er komt immers een grote groep mensen bij elkaar om een bepaald onderwerp of probleem te onderzoeken, zonder dat gebruik wordt gemaakt van een agenda of tijdschema, zonder voorzitter en zonder notulist. Toch hebben we Open Space gedaan voor voeding, energie, huisvesting, economie en de psychologie van verandering. Tegen het eind van iedere bijeenkomst had iedereen gezegd wat hij wilde zeggen, was een uitgebreid verslag gemaakt en uitgetypt, was er veel genetwerkt en waren er vele ideeën en visies ontwikkeld.

Het belangrijkste boek over Open Space is van Harrison Owens: Open Space Technology, A User’s Guide.

Bouwstenen 1-6 door Rob Hopkins

Bouwsteen 7: Ontwikkel praktische en zichtbare resultaten
Het is van groot belang de schijn te vermijden dat het project alleen maar bedoeld is als praatgroep waar mensen bij elkaar zitten en wensenlijstjes opstellen. Vrijwel vanaf het begin moet het project praktische en voor de gemeenschap zeer zichtbare resultaten gaan voortbrengen. Deze zullen er in hoge mate voor zorgen dat veel mensen in de gaten krijgen wat er aan de hand is en bereid zijn een bijdrage te leveren.

In TT Totnes ontwikkelde de voedinggroep een deelproject genaamd ‘Totnes – the Nut Tree Capital of Britain’ (Totnes – De Notenbomenhoofdstad van Engeland): een plan om in alle delen van de stad een zo groot mogelijk aantal notenbomen te planten. Op een gegeven moment heeft TT Totnes samen met de burgemeester een aantal notenbomen in het centrum van de stad geplant. Daar werd een belangrijk evenement van gemaakt dat veel bekijks trok.

Bouwsteen 8: De grote herscholing
Willen we piekolie en klimaatverandering aanpakken door in de toekomst minder energie te verbruiken, dan zullen we vele vaardigheden die voor onze grootouders nog normaal waren, opnieuw moeten leren. Een van de nuttigste dingen die een transitie-initiatief kan doen is mensen de vaardigheden die we in de afgelopen 40 jaar zijn kwijtgeraakt, opnieuw aan te leren. Dit kan in de vorm van cursussen.

Het is uiterst leerzaam te rade te gaan bij de oudere leden van onze samenleving. Zij leefden per slot van rekening vóór het tijdperk van de wegwerpmaatschappij en zij weten hoe een leven met minder energie eruit zou moeten zien. Voorbeelden van mogelijke cursussen zijn: eenvoudige reparaties uitvoeren, koken, fietsonderhoud, bouwen met natuurlijke materialen, dakisolatie, verven met natuurlijke kleurstoffen, kruidenwandelingen, tuinieren, thuis zuinig omgaan met energie, zelf je brood bakken, zelf groenten verbouwen… (de lijst is eindeloos).

Het opnieuw leren van oude vaardigheden zal de mensen het krachtige besef teruggeven dat ze hun problemen zelf kunnen oplossen, dat ze zelf in staat zijn praktische dingen tot stand te brengen en dat ze dat in samenwerking met anderen kunnen doen. Ze zullen ook merken dat leren echt leuk kan zijn.

Bouwsteen 9: Sla een brug naar de lokale overheid
Hoe groot de bewustzijnsverandering die je transitie-initiatief teweegbrengt ook moge zijn, hoeveel zinnige projecten je ook gestart hebt en hoe geweldig je Minder Energie Plan ook is, toch kom je niet ver als je geen positieve en vruchtbare relatie met de plaatselijke overheid hebt opgebouwd. Of het nu gaat om zaken als planning, financiering of het ontwikkelen van goede relaties, je hebt de overheid nodig. Het kan dan zijn dat je, geheel tegen je verwachting in, merkt dat je tegen een open deur blijkt te duwen. TT Nederland heeft een handig boekje gepubliceerd met als titel ‘het OndersteBoven van Transition Towns’. Het staat boordevol tips en ervaringen over het benaderen en omgaan met de lokale overheid. Je kunt het hier downloaden.

Bouwsteen 10: Betrek ouderen bij het proces
Voor diegenen onder ons die geboren zijn in de 60’er jaren, toen het feest van de goedkope olie op zijn hoogtepunt was, is een leven met minder olie nauwelijks voorstelbaar. Ieder jaar (uitgezonderd de oliecrises van de jaren ’70) was er meer energie beschikbaar dan in de voorgaande jaren.

Om een indruk te krijgen van wat een samenleving met minder energie inhoudt, moeten we ons richten tot diegenen die zich de overgang naar het tijdperk van de goedkope olie nog goed kunnen herinneren. Het gaat vooral om de periode tussen 1930 en 1960.

We willen niet de indruk wekken dat we een voorstander zouden zijn van een ‘regressie’ of ‘terugkeer’ naar een of ander grijs verleden. Maar wel is er veel te leren van hoe dingen vroeger gedaan werden, wat de niet zichtbare relaties tussen de verschillende onderdelen van de maatschappij waren en hoe het dagelijks leven in stand gehouden werd. Het kan buitengewoon verhelderend zijn dit allemaal uit te zoeken, en kan erin resulteren dat we ons veel meer verbonden gaan voelen met de plek waar we ons transitie-initiatief aan het ontwikkelen zijn.

Bouwsteen 11: Laat het proces gaan waar het wil…
Hoewel je je TT-initiatief misschien begint met een duidelijk idee waar je naartoe wilt, zal het zich onvermijdelijk (ook) in een andere richting ontwikkelen. Als je probeert vast te houden aan een starre visie, zal het proces je veel energie gaan kosten en zal het gaan stagneren. Jouw rol is niet dat je met antwoorden komt, maar dat je voor de gemeenschap als katalysator werkt bij het ontwikkelen van haar eigen transitie.

Als je je blijft richten op de uitgangspunten van het plan – het versterken van de veerkracht van de gemeenschap en het verminderen van de CO2-voetafdruk – dan hoef je verder alleen maar toe te kijken hoe de gemeenschap zelf een haalbaar, bruikbaar en zeer inventief plan voor haar eigen transitie ontwikkelt.

Bouwsteen 12: Ontwerp een Minder Energie Plan
Waar we het vormen van een Initiatiefgroep betitelden als hoeksteen, zou je het ontwikkelen van een Minder Energie Plan (MEP) kunnen beschouwen als sluitsteen. Een MEP schetst een of meerdere scenario’s van hoe je woonplaats zich verder kan ontwikkelen richting de gewenste veerkrachtige, energie-slanke samenleving. Met andere woorden: door het presenteren en in uitvoering nemen van een MEP gaat je transitie-initiatief een heel nieuwe fase in…

Elke werkgroep heeft zich gericht op het ontwikkelen van bruikbare acties om de veerkracht van de gemeenschap te vergroten en de CO2-voetafdruk te verkleinen. Gecombineerd vormen deze acties het MEP. Daarmee heeft de gemeenschap op basis van haar eigen collectieve creativiteit en kennis haar eigen toekomst ontworpen als antwoord op de bedreigingen van piekolie, klimaatverandering en de onderliggende aanname dat de wereld een onuitputtelijke grondstoffen-grabbelton is . Het ontwerpen van een MEP kan een uitstekende aanleiding zijn voor het inzetten van een veel omvangrijker consultatieproces in je woonplaats. Input vanuit de TT-werkgroepen dient dan slechts als basis.

Hoe een Minder Energie Plan kan worden geschreven, is te lezen in Het Transitie Handboek van Rob Hopkins.

Bouwstenen 7-12 door Rob Hopkins